Bijzondere belevenissen op Raroia
Raroia, na wat wikken en wegen hebben we bedacht dat dat ons eerste atoll gaat worden in de Tuamotus en we zijn er bijna! De Tuamotus liggen, voor onze begrippen als wereldzeilers, op een steenworp afstand van de Marquesas maar zouden qua vaargebied bijna niet méér kunnen verschillen van de bergachtige vruchtbare groene eilanden waar we net vandaan komen. Waar de Marquesas aan de kust zo steil de zee in duiken dat er behalve de laatste twee meter tot het strand weinig is waar je je tijdens het varen zorgen over hoeft te maken, zijn de Tuamotus één grote gevarenzone waar je met gemak je boot tot zinken zou kunnen brengen, zelfs als je redelijk oplet. Waar de Marquesas rijkelijk voorzien zijn van watervallen en rivieren die door de vele bergen stromen, ligt het hoogste punt van de eilanden in de Tuamotus vaak niet veel meer dan een paar meter boven zeeniveau. Dat draagt dan weer bij aan de verraderlijke aard van de Tuamotus: je ziet ze bijna niet. Waar bovendien de Marquesas 'gewoon' eilanden zijn met kustlijn en binnenland, zijn de Tuamotus kustlijn zónder binnenland maar mét binnenwater. Het is een grote cirkel van koraal en zand, een paar kilometer in doorsnee, waarbinnen weer water is. Als het ware een soort bakje in de zee waarvan de rand nog net boven het water uitsteekt. In dat bakje, of dus atoll zoals dit soort eilanden genoemd worden, zijn vervolgens hoopjes koraal verspreid alsof ze er lukraak in gestrooid zijn. Vaak een paar honderd meter bij elkaar vandaan gelegen torent elk van deze koraalformaties omhoog vanaf de ongeveer 40 meter diepe bodem van het atoll tot vlak onder het oppervlak. Als dat niet een recept is voor ongelukken met een boot...
Vaak zit er in de rand van een atoll een opening, waardoor je met een boot vanaf open zee de beschutting van het atoll in kunt varen. Maar juist doordat die opening er is, is dat invaren iets wat de nodige voorbereiding vraagt. Die opening geeft namelijk ook het zeewater de mogelijkheid om met eb en vloed het atoll in en uit te stromen. Op het moment dat je precies tussen hoog en laag water aankomt bij de opening is de stroming daar het sterkste. Onder de juiste omstandigheden tot wel 10 knopen! En dan is binnenvaren uitgesloten. Beter is het dus om te wachten tot hoogwater of laagwater, zodat precies op de kentering van het tij de stroming 0 is. Maar hoe laat dat precies is? Dat is niet nooit precies bekend én bovendien deels afhankelijk van de wind en de golven. Er zit dus niets anders op dan van tevoren een schatting te maken van wanneer het hoog- dan wel laagwater is en vervolgens bij de opening zelf te gaan kijken hoe de omstandigheden zijn.Als we aankomen bij Raroia is het duidelijk dat er nog een flinke hoeveelheid water uit de opening stroomt. De turbulentie in het water is goed te zien en korte golven zijn zichtbaar in de zee, die verder vrij vlak is omdat we aan de benedenwindse kant van het eiland zitten. We hebben op basis van alle info die we konden vinden zelf ook bepaald dat pas over anderhalf uur het juiste moment is, en dus moeten we nog even wachten. We rollen de genua weer een stukje uit, varen een half uurtje halve wind weg, keren dan om en zien als we weer bij de opening zijn dat het daar aanzienlijk kalmer is geworden. Nog altijd lijkt de stroming echter nog vrij sterk en dus draaien we nog een keertje om. We blijven deze keer in de buurt om het een beetje in de gaten te houden en concluderen, precies op het moment dat we verwacht hadden, dat de stroming nu nog maar minimaal lijkt te zijn. Met de waterkaart én satellietbeelden bij de hand varen we rustig de opening in. Ongeveer een knoop stroming tegen, helemaal goed! Zonder problemen passeren we de rand van het atoll. Vervolgens zetten we koers richting het zuiden, naar het dorpje wat daar op het breedste punt van de zand en koraalstrook ligt. Het is daar zo'n beetje 200 meter vanaf de oceaan buiten tot aan de lagune binnen en een paar meter hoger dan zeeniveau. Het is niet veel, maar het blijkt genoeg te zijn voor een klein dorpje met zo'n 300 mensen. Het blijkt zelfs genoeg te zijn voor best wat begroeiing. Dat laatste concluderen we als we, na het succesvol ankeren van de boot, aankomen op de wal. Het is echt veel groener dan we hadden verwacht. Er groeien sowieso een hoop palmbomen, tot zo ver geen verrassingen, maar ook broodvruchtbomen, verschillende planten met vrolijk gekleurde bloemen en bij mensen in de tuin best het een en ander aan groente en fruit.
Onze eerste stop is de supermarkt, die in de verste verte niet met een Nederlandse supermarkt te vergelijken is. Maar ze hebben er de kaas en crackers die we graag willen, bloem om weer wat brood te kunnen bakken én, niet geheel onbelangrijk, heerlijke ijsjes! We maken meteen even een praatje met de winkeleigenaar, half in het Frans, half in het Engels, en lopen dan weer verder, genietend van ons ijsje. We verkennen eerst de hele zuidkant van het dorp (wat dus maar heel klein is), bewonderen de prachtig aangelegde landingsbaan en vragen ons af of de 20 parkeerplaatsen die ze bij het vliegveld hebben niet wat overdreven zijn voor de in totaal 5 auto's die we in het dorp geteld hebben. We checken nog even de andere helft van het dorpje en staan op het punt om weer terug te lopen als we geroep horen. Het is aan ons gericht. Twee tellen later zitten we in de tuin bij Tania en Richie. Richie spreekt goed Engels, Tania weinig maar wil het graag leren. We zitten een mooie tijd met ze te kletsen. Over ons, over hun, het leven op Raroia en over Moederdag. Morgen is het namelijk Moederdag in dit deel van de wereld. En morgen is het zondag, wat betekent dat er 's ochtends ook een kerkdienst is. Voor we het weten zijn we uitgenodigd voor de kerkdienst én om daarna gezellig bij hun thuis Moederdag te vieren. Uiteraard zeggen we ja, maar wel onder voorbehoud. Een gebied met stevige wind is namelijk vanuit het zuiden onderweg richting Raroia en als dat er arriveert dan liggen we niet goed op onze huidige ankerplaats. We liggen namelijk aan lagerwal. Met deze wind gaat dat prima, maar als de huidige 4 Beaufort verandert in windkracht 6 dan moeten we wel wegwezen. Onder de voorwaarde dat de wind zich gedraagt spreken we voor morgen om 8:00 uur af bij de kerk. We lopen terug naar de kade waar we Snoopy achter hebben gelaten. Beide met een grijns op ons gezicht. We hebben werkelijk geen idee wat ons morgen te wachten staat, maar we gaan het meemaken. Daarnaast grijnzen we omdat we blij zijn met de emmer groente die we mee hebben gekregen. Twee paksoi, twee paprikas, drie komkommers. Allemaal uit eigen tuin en allemaal 'no pay, no pay!'. Verse groente is zo'n beetje het mooiste cadeau wat je een zeiler kunt geven. Gelukkig hebben wij ook nog wat aan boord om morgen terug te kunnen geven en hoeven we ons niet bezwaard te voelen dat we dit zomaar meekrijgen.
Het eerste wat we doen als we weer op de boot zijn is het weer kijken. Er komt inderdaad wind aan, maar die zal er volgens de verwachtingen pas in de nacht van zondag op maandag zijn. Dat betekent dat we zondagmiddag wel moeten verplaatsen, maar gelukkig nog zat tijd hebben om 's ochtends de kerkdienst bij te wonen en daarna nog heel wat uurtjes Moederdag te vieren.
Om kwart voor 8 staan we de volgende ochtend als eersten bij de kerk. Voor zover je het een kerk kunt noemen dan altijd. Van opgestapelde blokken koraal is een bouwwerk gemaakt met wat nissen waar diverse beelden in staan. Er staan bovendien een achttal stenen banken die de kerkgangers een zitplaats bieden. En dat allemaal buiten, want dat kan hier blijkbaar gewoon. We zijn erg benieuwd, maar dat gevoel van benieuwdheid wordt aangevuld met een gevoel van ongerustheid als wij om 5 voor 8 nog steeds de enigen zijn... We beginnen ineens te vermoeden dat dit, wat we gisteren tijdens onze wandeling als enige mogelijke kerk hadden geïdentificeerd, toch niet de plek is waar we moeten zijn. En nu? Op straat is verder niemand te bekennen om het te vragen. Dan maar een beetje rond gaan kijken. We lopen richting de grootste gebouwen die we gezien hebben. Misschien dat de kerk daar ook bij zit? De kerk blijkt daar niet te zijn, want onderweg daarheen komen we gelukkig de kerk al tegen. We zijn precies op tijd.
De kerkdienst is mooi. We verstaan er geen woord van maar alleen al de sfeer in het simpele kerkje maakt het een bijzondere ervaring. Iedereen is kleurrijk gekleed en er wordt gezongen onder begeleiding van twee ukuleles. We gaan maar staan als andere mensen gaan staan en zitten als de rest dat ook doet en zo komen we de kerkdienst prima door zonder al te veel uit de toon te vallen (voor zover dat als lange blonde Nederlanders lukt in een kerk op de Tuamotus). Na afloop van de dienst lopen we weer naar het huis van de mensen die ons uitgenodigd hadden. We geven pompelmoesen en een zelfgebakken cake en krijgen van hen een biertje terug. Om 9 uur 's ochtends. Niet helemaal wat we gewend zijn maar we staan er ook amper bij stil. Als je er een beetje voor open staat kost het weinig moeite om je in een andere cultuur of manier van doen mee te laten slepen.
Een aantal van hun vrienden voegen zich bij het gezelschap. We kletsen gezellig in half Engels en steenkolen Frans, stellen elkaar allerlei vragen over het leven van de ander, spelen jeu de boule, maken muziek, krijgen een heerlijke lunch met als toetje de cake die we meegenomen hebben en vertrekken om 2 uur weer richting de boot. We hadden graag langer willen blijven, maar er wordt voor vannacht vrij stevige wind verwacht. Daarom willen we vanmiddag nog maar de overkant van het atoll varen, waar we beschut aan hogerwal liggen. Onze gastheren leven zelf ook met de zee en de wind en snappen het volledig. We krijgen nog snel twee papayas mee en spreken af dat we ze sowieso nog een keer gaan zien voordat we weer verder gaan. Als het weer mee zit volgende week zondag weer, dan kunnen we naar het strand en kunnen we hem zeilles geven in onze bijboot. Hij wil namelijk graag leren zeilen om wellicht zelf in de toekomst ook eens met een boot op pad te gaan. Zwaaiend lopen we de tuin uit en doorkruisen het hele dorp naar de kade waar onze bijboot ligt. 2 minuten later staan we op die kade, want zo groot is het dorpje dus niet...
Een pompelmoes is trouwens een grote citrusvrucht die een beetje op een grapefruit lijkt qua uiterlijk en qua smaak tussen grapefruit, sinaasappel en limoen in zit. Op de Marquesas groeien ze in overvloed, maar op de Tuamotus is de grond niet rijk genoeg voor het verbouwen van pompelmoesen. Ons cadeau wordt dan ook dankbaar in ontvangst genomen.
Reacties
Een reactie posten